Feeds:
Berichten
Reacties

Archive for april, 2011

Tussen onze bessenstruiken legden we vorig jaar vele karren hakselhout. En daar ploppen nu massaal groepjes paddenstoelen op.

Met tientallen bosjes tegelijk.

Ik heb een poging gewaagd om via soortenbank.nl te weten te komen welke soort dit is, maar dat is nogal overtuigend mislukt… Iemand een idee?

Verder hebben we, zoals iedereen wellicht, eindelijk regen over ons heen gekregen! En behalve regen zelfs ook een gigantische hagelbui. Maar daar heeft de natuur geen last van gehad; integendeel: het is nu ronduit zalig buiten.

Ten bewijze snel even enkele fotootjes die je nog tegoed had: de clematis montana in bloei (aan dieter-zonder-blog: het bestaat ook in wit ;-))

Advertenties

Read Full Post »

Bezweken…

… voor de hype van cupcakes en taarten vol kleverige suikerpasta en marsepein in de gekste kleuren van de regenboog. Maar het moest maar zo plezant niet zijn om kindertaarten mee te maken!

Net als vorig jaar (en het jaar daarvoor) bakte ik een aardbeientaart voor de verjaardag van de kinderen, maar dit keer besmeerde ik hem rondomrond met slagroom, om een enigszins regelmatig gevormde taart te krijgen. Samen met de kinderen had ik eerder al mijn suikerpasta in diverse kleurtjes gemaakt (al die dingen zijn online te koop), en een aantal figuurtjes met hen uitgestoken (bloemetjes en vlindertjes). Voor de kinderen is dit trouwens geweldig: play-doh die je kan opeten!

Het maken van de poppetjes viel wel een beetje tegen. Ik dacht: ‘oh, ik kan een beetje boetseren, dus hoe moeilijk kan het zijn’, maar dat kon blijkbaar best wel moeilijk zijn, want die suikerpasta reageert op de warmte van je handen. Kleine rolletjes en bolletjes maken is dus erg moeilijk, want zodra je er (in dit warme weer toch) met je handen aankomt, smelten ze tot suiker. Ook aan de vormgeving moet nog gewerkt worden: die blauwe lap bijvoorbeeld stelt een zwembad voor. Maar kom, de kinderen vonden het super, en dat is al wat telt.

Voor hun traktatie op school vandaag maakte ik kleine cupcakejes. Dochtertje onderdeappelboom wou iets met roze, en zoontje iets met sterren en een maan. Ik legde er niet al te veel suiker op, want ik wil natuurlijk ook geen 25 kleuters met kapotte tanden naar huis sturen. Eén kleutertje verdient alvast een extra portie, en dat is ons eigenste jarige zoontje, dat gisteren zijn arm brak…

Alleen nog dit: steek niet al je geld in uitsteekvormpjes. In onze garage vond ik nog wat spanband (heet dat zo? Zo’n platte ijzeren draad met gaatjes in, waar je met een kniptang stukjes van kan knippen en waarmee je bijvoorbeeld elektriciteitsbuizen vast zet in de chappe…) met dat soort band dus kan je heel makkelijk zelf vormpjes maken zoals een hartje of een maan ofzo. Kwestie van toch ten allen tijde een beetje gierig te blijven 🙂

(ja, de foto’s zijn abominabel, maar we hadden zoveel feesten dit paasweekend, dat ik telkens maar na 20 u ’s avonds kon beginnen bakken (telkens 4 taarten) of koken (aperitiefhapjes voor 16 personen…) waardoor ik tegen de tijd dat er foto’s konden worden genomen telkens lichtelijk uitgeteld was…)

Read Full Post »

Omdat we straks Paasweekend hebben, en overal tegelijk eitjes moeten gaan rapen, en dan nog enkele jarigen moeten vieren, en tractaties voor in hun klasje moeten maken, en natuurlijk ook omdat jullie dan geen tijd hebben om te komen lezen (;-)) gooi ik hier maar gewoon een beetje vanalles samen, van bloemen en groensels, van slechte en minder slechte foto’s, en soms ook gewoon twee keer hetzelfde omdat ik niet kon kiezen. Om te beginnen bijvoorbeeld het wildemanskruid, dat uitgebloeid al even mooi blijkt als in bloei:

(Mocht je denken: tiens, die (uit-)bloeiwijze ken ik ergens van: wildemanskruid behoort tot de clematisfamilie.)

Maar eigenlijk wou ik het over de groenten hebben, die met al die opkomende bloei nog niet veel in de aandacht hebben gestaan. En alle groentekwekers zullen beamen: de moestuintjes liggen dezer dagen te bakken in de zon…

En de groentebedden zijn ‘gekrakt van de droogte’…

De uien hebben daar uiteraard geen last van, de peulen evenmin, en ook de aardappelen komen vlotjes boven. De radijzen willen echter toch niet dikken en ook de wortels en raketsla zijn in tijdelijke zitstaking. Maar geen nood, af en toe een sproeibeurt met de waterslang geven is ook plezant, al was het maar voor de geur van versgebluste aarde.

Ondertussen heb ik ook de nog lege bedden onkruidvrij gemaakt en daar hoop ik tussen het feestgewoel door toch al bonen te zaaien en wat pompoenen enzo uit te planten. Vriest het dan toch nog, dan zaai ik wel gewoon opnieuw.

En het lekkers zal niet alleen uit de moestuin komen dit jaar, want de bessenstruiken hangen zo vol bes dat ik denk dat ze nog eens onder hun gewicht gaan kraken. Vooral bij de trosbessen is er 10 keer meer vrucht dan blad te zien.

Ook in de kweekruimte gaat het fantastisch; ik ben nog elke keer euforisch als ik er binnen kom en besef dat dit nu helemaal ‘mijn terrein’ is. Zalig! Nog even en ik zet er een stoeltje en een tafeltje.

Men merke trouwens op dat IK waterpas stond (en mijn kweekkotje ook), maar dat de tuin bergaf loopt. En men merke ook op dat ik nog een echte werktafel en legplanken moet maken/krijgen, maar dat komt ooit nog wel. Binnen enkele dagen gaat de gekiemde sla, courgette en pompoen naar buiten en ga ik wat nieuwe dingen voorzaaien. De tomaten ga ik ook in hun definitieve pot steken, denk ik, al heb ik het gevoel dat de tomatenplantjes veel kleiner zijn dan op hetzelfde ogenblik vorig jaar (terwijl ik ze toen toch later heb gezaaid). Maar kom, size doesn’t matter…

Read Full Post »

De clematis montana

Ik kan daar maar niet genoeg van krijgen.

En dan bloeit hij nog niet eens.

Maar wel bijna…

Read Full Post »

Het einde van een tijdperk

Terwijl de één zich verheugt in het bietenloze schapenseizoen van lente en zomer, moet de ander zich neerleggen bij het einde van het schapen-eigendom tout court: de familie onderdeappelboom zit definitief zonder schaapjes. En dat komt zo:

Enkele weken geleden besloten we de schapen naar weide 2 te brengen, onze eigen weide, achter onze vijver. Zo zou het gras van weide 1 een beetje kunnen recupereren en zou het dorre gras van weide 2 goed kort gegeten worden. Zo gezegd, zo gedaan, en de schaapjes gingen nieuwsgierig naar weide 2.

Diezelfde avond nog besloten de schapen dat zij NIET in weide 2 zouden blijven en terug naar hun stal wilden. Dat ontdekten we toen halverwege de avond het licht op het terras aanfloepte en we dit keer geen poes zagen passeren, maar pal in de ogen van vier herkauwende schapen keken die naar ons staarden alsof wíj degene waren die op de verkeerde plaats stonden en schapen toch elke avond ter bevordering van het algemeen welzijn even een wandelingetje maken door de tuin.  Met wat korrels lieten ze braafjes terug tot weide 2 verleiden, maar de avond daarop stonden ze opnieuw op ons terras. En de avond daarna ook. Ze schenen telkens wel een nieuw gat te vinden om te ontsnappen, en dit opvallend sneller dan wij het gat vonden waarlangs ze ontsnapt waren. Maar uiteindelijk waren alle gaten gedicht en bleven de schaapjes dan toch braaf op weide 2.

Althans: voor eventjes. Want nauwelijks een week later boorden ze zich met hun hoorns een gat onder de omheining achteraan onze tuin, waarlangs ze uitgelaten de weide van buurman-boer in daverden, zich tegoed doend aan het sappig groene gras dat daar op een 70-tal koeien lag te wachten. En alsof die weide nog niet groot genoeg was, gingen ze ook nog even grasduinen in een weide op het einde van de straat, waar in het midden een piste voor paarden was gemaakt. En ze besloten daar te blijven…

Nu zijn Soay-schapen op zich al bijna niet te vangen, omdat ze zich niet zoals andere schapen in een hoek laten drijven, maar telkens in nieuwe patronen uit elkaar gaan en weer samenkomen, inclusief schijnbewegingen en hinde-achtig gespring allerlei. Telefonische consultatie van een ervaren soay-herder leerde ons dat we vooral niet mochten proberen om hen met een hond op te drijven en dat, als de weide waar ze nu zaten groener was dan de weide waar ze vandaan kwamen, de kans klein was dat ze vanzelf terug zouden komen. Nochtans was dat de meest beproefde en geslaagde soay-vang-techniek: wachten tot ze zelf terugkeren.

Helaas zaten de schaapjes niet op onze weide, maar op de weide van buren die we toch graag een beetje ontzien. En deze onvangbare schapen hadden dan ook nog eens een weide gekozen waarvan het midden bestond uit een geheel van balken en spring-constructies waar zij lustig doorheen konden draven, maar wij alleen maar toertjes omheen konden lopen. Het is dan ook geen wonder dat het meneer onderdeappelboom niet lukte om de schapen op zijn dooie eentje terug tot bij ons te jagen, ook al probeerde hij meerdere keren met wisselende moed, korrels, hooi en technieken. Maar het was eenvoudigweg niet te doen daar. Gelukkig vond de eigenaar van de weide het niet erg dat de schapen even bleven slapen, en de volgende dag ging mevrouw onderdeappelboom het dan ook maar eens proberen. Ik moet er niet bij vertellen dat rondhossen met een buik in de handen alsof hij er gaat afvallen niet bijdraagt tot de kans op succes bij het vangen van soay-schapen… Maar gelukkig kwam de boerendochter mij wat helpen, en kwam ook de boerenzoon even later langs. Het duurde zoals gebruikelijk weer heel lang vooraleer ze me wilden geloven dat je niet achter die schapen mag lopen, maar gewoon in de buurt moet staan en hen zelf de weg naar buiten moet laten zoeken, maar toen ze de boodschap dan toch aanvaardden, bleken de schapen heel snel de weg naar het poortje te vinden en terug in de koeienweide te zijn.

Een goeie stap voorwaarts, maar wel een weide van vermoedelijk een paar hectare groot, begrensd door een moerassig stuk weiland, een bos, héél véél buren en honderden meters verder opnieuw een straatje. Niet echt wat je noemt de ideale weide om hen te vangen.

We hebben ze dan 2 nachten lang de kans gegeven om zelf naar de stal terug te komen. 3 van de 4 schaapjes deden dat ook, langs het gat dat ze zelf gemaakt hadden. Maar één koppig schaapje bleef telkens in de koeienweide, en op zijn angstwekkend gemekker keerden de andere 3 dan ook maar terug.

Uiteindelijk liet de boer de koeien op zijn weide, en daar moeten ze toch wat schrik van hebben gehad, want kort daarna liepen ze zichzelf vast in een kleine schapenweide van weer andere buren, maar dit keer toch vlak naast onze weide en met een oppervlakte waar ze relatief ‘pakbaar’ zouden zijn. Alleen moesten wij eens gaan beslissen wat we zouden gaan doen, want eens een schaap de smaak van ontsnappen te pakken heeft… Bovendien zouden we duidelijk een nieuwe omheining moeten plaatsen, voor een weide die eigenlijk de onze niet is (bruikleen van nog maar eens andere buren; jaja, de perceelsgrenzen zijn creatief bedeeld bij ons in de straat). Dat zou veel geld, en bovendien ook veel tijd kosten. Voor schaapjes die we niet opeten en waarmee we niet kweken, maar die we houden om het plezier van de schapenhouderij. Die op zich ook niet arbeidsloos is. En is dat allemaal wel in verhouding tot het drukke leven dat we sowieso al hebben? En wat met de buren die slachtoffer zijn van de diverse ontsnappingen en daar ook niet allemaal met evenveel tolerantie op reageren?

We dachten na, we lagen wakker, we wikten en we wogen, en we besloten met tegenzin dat het verder houden van schapen weinig perspectieven, maar veel geld en tijd vraagt die we heel goed elders voor kunnen gebruiken.  En dus werden de schaapjes te koop gezet…

De eerste koper kwam om 2 schaapjes terwijl mevrouw onderdeappelboom met mevrouw Buikberg op de trein zat en waar meneer onderdeappelboom hen bels- en sms-gewijs op de hoogte hield van de vorderingen:

“Eén schaap is gepakt!”. Waaaaw!

“Eén schaap is ontsnapt” O jee…

“Hij wil persé dat schone lichtbruintje…”. Aiaiai.

Eindstatus om 17u: 2 schapen zijn mee met de nieuwe eigenaar (die duidelijk van soay-schapen houdt en waar we tevreden mee zijn), één schaap is verloren gelopen, en één schaap is terug op weide 1.

Status om 22u: buurman vindt verloren schaapje terug en plaatst het op zijn weide. Danku buurman.

Status om 6u ’s ochtends: beide schapen beginnen hartverscheurend om elkaar te mekkeren in een niet-aflatend vraag-en-antwoord-spel.

Status om 12u: mevrouw onderdeappelboom, die die dag thuis is, wordt langzamerhand stapelgek van het gemekker.

Ze besluit om zichzelf af te leiden in de groentetuin waar ze stro rond de aarbeienplantjes gaat leggen. En waar ze even opkijkt van haar werk. Recht in de tevreden herkauwende snoet van het schaap van weide 1 dat echter NIET in weide 1 staat te grazen maar wèl in het groentetuintje van het buurmeisje (jawel, nòg een andere buur). Aaargh!

De ondertussen langzaam krankzinnig wordende mevrouw onderdeappelboom probeert om zo beheerst mogelijk richting straat en buurmeisje te hobbelen, en slaagt er nog net op tijd in om daar de poort dicht te gooien vooraleer het schaap de straat kan oplopen om nog méér onheil aan te richten. Ze smst even naar meneer onderdeappelboom om te laten weten hoe onnozel ze ondertussen van deze schapenhistorie wordt (wat meneer onderdeappelboom wellicht gigantisch kan appreciëren, vast als hij zit in diverse meetings op 70 km van zijn huis…), klapt de computer open en ziet een tijding als vanuit de hemel: een tweede goede koper dient zich aan (er waren nog wel kandidaten, maar we wilden toch graag een goede thuis voor onze beestjes, en waren dus selectief). Alleen: ontsnapte schapen zijn moeilijk verkoopbaar, en dus hobbelde ik ook nog maar eens om voer naar de schuur, legde die korrels voor het gat dat het schaap gemaakt had en zag hoe het schaap zich liet verleiden om terug naar weide 1 te keren. Dan maar zo snel mogelijk terug hobbelend naar de tuin van het buurmeisje, onderweg een plank meegritsend, en die in de tuin van het buurmeisje zo snel mogelijk voor het gat gooiend. Oef. Missie geslaagd! Schade bij het buurmeisje: alleen wat longkruid en enkele blaadjes vingerhoedskruid opgepeuzeld. Oefoefoef!

De tweede koper kwam kijken en keurde de beestjes onmiddellijk goed. Hij had zelf voor meer dan 500 euro aan pluimvee op een grasveld achter zijn huis zitten, en toen die op 2 nachten tijd allemaal door de vos waren opgepeuzeld (ondanks 2 meter hoge omheining, inclusief prikkeldraad bovenaan) besloot hij om nooit meer pluimvee te houden, maar op zoek te gaan naar arbeidsarme schaapjes. Onze soays waren exact wat hij zocht.

De volgende ochtend al kwam hij terug; op zijn eentje, ondanks ons aandringen om toch minstens met 2 personen te komen om te helpen vangen (waarom is het toch dat niemand jong volk gelooft, zelfs niet als het ondertussen toch al heel wat ervaring heeft met beestjes?). Gelukkig was de toekomstige peter van ons kleinste onderdeappelboompje net op bezoek en bereid om mee te helpen vangen. In de kleine weide van de buurman hadden ze het schaapje snel te pakken, maar de weide van 20 are waarop het andere schaapje zat, beloofde een probleem te worden. Terwijl de kandidaat-koper de weide nog aan het binnenwandelen was, posteerden toekomstige peter en meneer onderdeappelboom zich recht in de vluchtroute van het schaapje, om een nanoseconde later vast te stellen dat het hen al lang gepasseerd was via een route die geen van de 2 kon navertellen. “Ah, zo bedoelde je…”, trok de peter grote ogen. Om nog maar eens een fractie van een seconde later tegen elkaar te roepen: “het schaap zit vast! het schaap zit vast in de draad. Sneeeeeeeeeeeeeeeeeel!”, waarop de beide mannen richting vastgelopen schaap renden en het daar met alle geluk van de wereld zowaar te pakken kregen terwijl het met zijn hoorns onder de draad door probeerde te raken. Het kan niet anders of onze koper dacht in zichzelf: “jaja, en ik dacht dat ze zo moeilijk te pakken waren?…”

En zo ben je dan een heel moedig mens als je tot hier bent blijven lezen 🙂 Maar je weet nu wel in detail waarom we geen schaapjes meer hebben… Dat het toch wel de goede keuze is geweest. Hopen we. En dat we ze zullen missen.

Read Full Post »

De eigenwijze groei

Vorig jaar, eind mei, besloten we bij wijze van Eigenwijs Experiment om een deel van ons gras niet meer af te rijden maar er een bloeiende graskant van te maken. In het najaar kocht ik bij ecoflora enkele graskantbloemen aan, en voor de rest mag de natuur zijn werk doen. En zowaar, deze week werd de eerste bloei in ons eigenwijze experiment gespot, zowel in de afdeling ‘zelf gekocht’ als in de categorie ‘zelf gekomen’. Met de laatste souplesse die ik bezit heb ik mij nog eens nijlpaardgewijs op mijn zijde in het gras geposteerd, maar ’t is nu toch echt de laatste keer of ze kunnen me rechttakelen (en nee, ik ben niet in staat om in die houding nog veel met focus enzo te spelen). Binnenkort dus alles vanuit vogelperspectief 🙂

Niet aangeplant en toch gekomen: de pinksterbloem!

In heel grote getale aanwezig, op één plaats geplant, maar op veel meer plaatsen aan het bloeien: grote muur.

Zelf aangeplant, en nog net niet bloeiend: het knikkend nagelkruid.

En eveneens aangeplant en net beginnen bloeien: look zonder look.

Schoon hé?

Maar denk maar niet dat je daar van ver veel van ziet; dan is het gewoon een pluk wild gras. Maar gelukkig vinden we dat ook schoon 🙂

Read Full Post »

’t Is nog maar een schamele hoeveelheid plantjes op de foto hierboven, maar het beeld dateert dan ook al van een paar dagen geleden. Ondertussen staan alle planken van mijn kweekkotje (ooit moet er een fatsoenlijke ‘plantwerkbank’ van gemaakt worden) afgeladen vol:

Piepen al boven de aarde: zonnebloemen, 2 soorten sla, reukerwten en peterselie. De potjes basilicum zijn gekocht in dendelais en vervolgens verpot; de pot bieslook is een stuk van een plant die ik buiten heb staan en die jaarlijks terugkomt.

Gezaaid en blij verwacht: rode kool, spruiten, maïs, prei, pompoenen (butternut en red kuri ) en courgette (tondo de nice en black zucchini).

Verspeend: tomaten en pepers. Dat wil zeggen: selectief verspeend, want hoe graag ik ook in de tuin werk en hoe meditatief sommige mensen verpotten misschien ook vinden:  ikkendoe da nie gèren. Van de tomaten behield ik van elke soort dus maar 3 plantjes. Ik had die zeker al 2 weken eerder moeten verspenen, want ze waren op sterven na dood en in de aarde zat duidelijk niets meer waarmee ze eventueel nog hadden kunnen groeien. Na die 45 plantjes had ik het wel gehad met verpotten, dus rukte ik van de pepers gewoon zoveel zaailingen uit tot ik er in elk potje maar ééntje meer staan had. Vervolgens deed ik er een laagje potaarde op om de schijn van grondig werk te wekken 🙂  Maar nu heb ik dus nog 6 plantjes mini-paprika en 6 plantjes sweet cayenne. En ik denk niet na over al die zonnebloemen en sla enzo die ik nog zal moeten verpotten… Bijkomende vreugde: de living is weer zaailingenvrij, want ik heb het erop gewaagd de tomaten en pepers ook al in de kweekruimte te zetten. Hopelijk vriest het dus niet meer…

Buiten staan erwten, peultjes, wortels, radijzen en uien boven de aarde. De rode uien doen het niet zo goed, maar ik geef ze nog een kans. Samen met de kinderen zaaide ik nog rode biet, raketsla en een nieuwe rij radijzen. Tot nog toe liet ik de kinderen helpen op een manier dat ik hen de illusie gaf iets te doen, maar uiteindelijk bijna alles zelf deed. Omdat ik dat toch een beetje laag en onopvoedkundig van mij vond, mochten ze dit keer echt zelf zaaien. Dat ging – met uitzondering van een omgevallen zakje en wat vreugde toen ze bij elkaar in het – verkeerde – rijtje gingen zaaien – al bij al nog goed, dus weer een wijze opvoedingsles voor de mama (laat je kinderen de dingen echt zelf doen) en we kijken verwachtingsvol uit naar wat het zal opbrengen!

Voor de radijzen heb ik meneer onderdeappelboom ingeschakeld. Hij vond dat ik elk jaar te weinig zaaide, maar dat komt omdat ik er telkens maar aan dacht om nieuwe te zaaien als de vorige op waren. Hij heeft dit jaar beloofd mij er aan te herinneren, en dus krijg ik nu om de week een mail of sms van hem met de boodschap: ‘Denk je aan de radijzen?’ 🙂

Niet gezaaid maar wel geplant: aardbeienplantjes. Vorige week 50 stuks die we recupereerden van vorige jaren, en gisteren 20 nieuwe stuks die ik samen met de kinderen plantte (ik maak de gaatjes, zij zetten er de plantjes in, doen er aarde op en geven water). Nu nog elektriciteitsbuizen gaan kopen om er een net over te kunnen spannen en er opnieuw stro tussen leggen, want zonder dat stro had ik toch veel meer rotte aardbeien aan de planten.

Nog te doen: een eindeloze hoeveelheid zomerbollen planten. Maar daar kijken we uiteraard naar uit.

Niet gezaaid, maar wel geplaatst: een heidemat achter onze haag. ’t Is een lelijke foto (ik was eigenlijk kindjes aan het fotograferen die net even uit beeld liepen), maar ondanks de liefde voor open natuur genieten we buitengewoon van de toegenomen privaatheid. De pessimist in sommigen zegt dan direct dat onze haag nu scheef gaat groeien, maar dat zien we dan ook wel weer als het zover is. ..

Read Full Post »

Older Posts »