Feeds:
Berichten
Reacties

Archive for maart, 2017

Bloei

Bijna zes jaar geleden kwam het kleinste appeltje bij ons. Op een bloedhete septemberdag wandelden we door de velden op zijn doopdag, en schonken we meter en peter een Magnolia Kobus. Dat had iets met onze zoon te maken uiteraard (wij noemen onze jongens altijd Magnolia…;-) ) Ook onszelf deden we een boom cadeau, en plantten die met heel veel liefde.

Hoewel liefde schijnt te helpen bij planten (en Mozart ook), deemsterde het boompje langzaam weg. We waren gewaarschuwd dat het een moeilijke Magnolia is, die het niet zo makkelijk heeft in onze grond en klimaat, maar van opgeven kon uiteraard geen sprake zijn. We haalden de boom uit het plantgat, en gaven hem een geheel nieuwe plaats, ver van de esdoorn en linde vandaan die vermoedelijk het grootste deel van het grondwater en zonlicht van de tuin voor zich nemen.

Ook daar verdorde het boompje zienderogen. Daarom deden we wat je nooit met bomen mag doen: we groeven nog maar eens een nieuw gat, elders, nog groter, met nog meer losse grond erin, en we verplantten de Magnolia een derde keer.

De voorbije twee jaar zagen we langzaamaan meer en gezondere blaadjes op de boom komen. En kijk eens vandaag, 6 jaar later…

magnolia2 magnolia3

Op de achtergrond zie je de klimtoren van de schommel, waar nu nog volop kampen in worden gebouwd. Op een dag zullen de kinderen groot en de schommel versleten zijn. Tegen die tijd zal onze Magnolia Kobus hopelijk een grote en sterke Magnolia geworden zijn. Meer nog: tegen dan zal ik ook mijn gsm terug voor mijn fototoestel hebben geruild en jullie opnieuw betere foto’s hebben voorgeschoteld ūüôā

 

Read Full Post »

Vroeg was ik, dit jaar. Met het laten kiemen van aardappelen. Het zaaien van pepers en tomaten. Ja, zelfs met het voorzaaien van zomerkolen, erwtjes, peulen, courgettes en pompoenen.

Maar ‘iemand’, was ook vroeg. ‘Iemand’ vond blindelings de weg naar mijn vroege zaaigoed. En ‘iemand’, ging er met het hele zootje vandoor. Wat restte, is een zaaipot vol kuilen en putjes…

putjes

Waar nu de kuiltjes zijn, waren in den beginne de zaden. Van courgettes en pompoenen. Maar die zijn vakkundig uit de aarde gehaald, geopend, leeggegeten, en de lege omhulsels terug op de aarde gegooid.

zaden

Zelfs de gekiemde erwten en tuinbonen zijn terug opgegraven, en van binnenuit leeg gegeten.

tuinbonen

Blinde woede en nietsontziende wraakgevoelens lagen meteen op de loer, maar koel en onversaagd beheerste ik mezelf, slaakte een oerkreet en trok in doodsverachting  mijn rol kuikengaas uit de kast. Aha!!! Mijn zaaipotten zouden vanaf nu een oninneembare vesting worden!

vesting

Twee weken later: kippengaas omhoog geduwd.¬†Alle opnieuw gezaaide zaden opnieuw opgegraven en leeggegeten. En van alle kolen de kiemblaadjes afgebeten waardoor mijn koolplantage er nu uit ziet als Midden-Aarde na de doortocht van de Nazg√Ľl.

Vandaag zaaide ik voor de derde keer. Niet bijster vroeg. Maar wel ver van mijn belagers en gezellig in eigen huis.

Wij gokken overigens op een eekhoorn. En jullie?

 

 

 

 

Read Full Post »

Er was een tijd dat ik al eens zaag en truweel ter hand plachtte te nemen om aldaar eniger muren, terraskens, poortjens of andere artisanale geplogendheden mede te maken. Edoch: de tijd bracht andere tijdsbestedingen en – vooral, want eerlijk is eerlijk – in mijn hoofd zijn de dingen toch altijd veel mooier dan het eindproduct in de praktijk. En ook: meneer onderdeappelboom is er duizend keer beter in ūüôā

Maar toen ik een eerste krokus-foto nam, en vervolgens ontdekte dat die wegens achtergrondrommel te schaamtelijk was om online te plaatsen, besloot ik nog eens in ‘mijn alaam’ te duiken. Want jawel: die stapel scheefgezakt hout op de linkerzijde, overwoekerd door mos, natte steeltjes die ooit poten waren, slechts √©√©n armleuning, en een zitvlak dat op de grond neergezegen is, was ooit een fijn bankje.

IMG_0187

Ik bleek bij mijn opknapwerk toch enigszins uit routine te zijn en/of in oude gewoontes te hervallen. Werden ondermeer (her-)ontdekt:

  • een lange plank zagen gaat nog altijd het best als je je voet er bovenop zwiert als tegengewicht (en dan vloeken dat die schragen zo hoog staan)
  • sommige vijzen willen er om raadselachtige redenen echt niet in en als je blijft proberen gaan ze er pas √©cht nooit meer in
  • soms is √©√©n vijs beter dan twee (inzicht na 4 gespleten plankjes)
  • als een vijs er echt niet in gaat is dat soms ook omdat je net daarvoor een vijs uitgedraaid hebt en nog niet op het goede knopje van de vijsmachine hebt gedrukt… (3 keer! En dan dwaas staan kijken naar die vijs… zucht…)
  • ik moet ook echt eens leren wanneer je nu best een vijs en wanneer je best een nagel gebruikt
  • als je twee plankjes verticaal tegen elkaar moet vijzen is het dertig keer zo simpel als je het eerste plankje eerst even op de grond legt en daar alvast een vijsje in draait… (bankje eerst 2 keer op z’n kant doen vallen…)
  • Ook voorboren doet wonderen (doe ik nooit…)
  • zo’n uitgedraaide vijs is vervloekt heet
  • de kop van zo’n vijsmachine die lang heeft gewerkt is ook vervloekt heet (aw!)
  • ’t Is waar wat ze bij moestuinweetjes ofzo zeggen: met (ecover) waspoeder krijg je groenaanslag zonder moeite weg!
  • ik moet dringend eens geduld kweken als ik zo’n werkjes doe

Maar, zeven wijze lessen later, staat er toch weer een bankje rechtop waarop reeds druk wordt gezeten… En ’t staat zelfs nog altijd recht!

IMG_0208

En nu ik toch zo aan het fr√∂belen¬† was en van het werken met recuperatiemateriaal genoot, zorgde ik nog voor een tweede zitje onder de blauweregen. Vanzelfsprekend is dit min of meer afgekeken van pinterest en vanzelfsprekend is het een pak minder posh dan op pinterest, maar ook hier: er wordt druk op gezeten en het is zelfs nog niet ingestort! (en ja, het staat heus wel waterpas…) (en ja, die stenen rechts in beeld hadden meer symmetrisch gestaan wanneer ze dichter tegen die andere paal hadden gestaan, maar dat lukte niet wegens ondergrondse wortels)

IMG_0245

Nu alleen nog wat plantjes reorganiseren en misschien voor wat stapstenen zorgen, en het krijgt stilaan vorm. Maar dat, lieve lezertjes, vertel ik jullie een volgende keer…

 

 

Read Full Post »

Het zijn die dagen waarop de natuur plots laat voelen dat een toevallig lente-achtige dag in de winter ook niet m√©√©r is dan een toevallige lente-achtige dag in de winter en allesbehalve een aankondiging van de lente. Het enige wat we er zeker door weten, is dat het nu niet meer lang zal duren. En net dan wordt het lastig natuurlijk. Terwijl we dagelijks met onze neus boven de zaaigrond hangen om te zien of er in de diepte al iets beweegt en ’s morgens vaststellen dat het dan weliswaar al klaar is bij het opstaan, maar zo’n grijs laag wolkendek nu ook weer niet zo bijzonder ‘klaar’ is, is er maar √©√©n iets wat de mensheid nog kan redden: een goed boek. En omdat ik jullie zo graag zie, heb ik er meteen drie in de aanbieding. Of toch: de tips daarvoor. Kopen gaan jullie helemaal zelf doen, bij voorkeur bij een lokale boekhandel wiens lentegevoel je daarmee ook vooruit zult helpen.

Drie tips dus. Alle drie uit de non-fictie-afdeling, wat wellicht bewijst dat ik van een zekere leeftijd begin te zijn, en alle drie – zoals een recensent het zo mooi beschreef- met ‘sympathiek, hoewel duidelijk hoorbaar ecorumoer’. Hier komen ze:

  1. James REBANKS, The Shepherd’s Life: a Tale of the Lake District. (Vertaald: Het herdersleven).

Rebanks is schaapherder in het Lake District. Althans: in bijberoep, want de tijd dat het een fulltimejob kon zijn, is verleden tijd. Recensies hadden het bij verschijnen vooral over het grote contrast tussen hoe een toerist het Lake District beleeft, en wat Rebanks ervan toont. Dat zit er een beetje in, maar echte wroeging van Rebanks heb ik daar niet bij gevoeld. Wat eerder bijblijft is dat je dieper gaat begrijpen wat de invloed van land- en tuinbouw (en mens) op het landschap is (een vraag die mij als semi-vegetari√ęr extra intrigeert en waar in veel wetenschappelijk onderzoek nog geen afdoend antwoord op gevonden is). Je leert iets over de kweek van schapen, hoe je kudden runt en¬†hoe de honden daar precies bij kunnen helpen. Je gaat mee naar wedstrijden en foktoernooien.¬†En na¬†100 bladzijden stel je tot je grote verbazing vast dat je dat nog graag leest ook. Dat schapen een zeer goed onderwerp voor een boek blijken ūüôā¬†Een pageturner is veel gezegd, maar je volgt toch met enige spanning¬†de zompige wintertochten van Rebanks, die zijn schapen op het zicht herkent en liefde voor de kweek (en slacht) bijna po√ętisch met de liefde voor het mooie, levende beest zelf tussen de stapelmuurtjes weet te combineren. Je begrijpt de rol van wedstrijden en voelt de spanning die er heerst. Je zou al snel willen dat je de mijlpalen in de groei van je kinderen ook kon aflezen aan de eerste keer dat ze alleen een schaapje mee ter wereld helpen brengen.

Dat Rebanks zijn eigen twijfels niet uit de weg gaat, helpt natuurlijk ook. De ietwat oudere mens in mij vindt het mooi hoe hij eerst keihard van de schapenkweek is weggelopen, om er vervolgens keihard naar terug te keren. Extraatje: je leert ook Beatrix Potter helemaal anders kennen (mocht het blijven regenen, kijk dan zeker ook eens naar de film Miss Potter, die er ondanks wat mankementjes heel mooi in geslaagd is te tonen wie de mens Beatrix is, en wat ze voor het Lake District betekend heeft). Kortom: naar bib of boekhandel gaan, en snel tot de vaststelling komen dat je een boek over schapen gelezen hebt en dat nog leuk vond ook.

2. Morten STROKSNES, Haaienkoorts (Oorspronkelijk: ach, dat zullen we maar laten vallen zeker? ūüėČ Iets met ongewone letters ūüôā )

Mocht je je al afvragen of je het leuk zou kunnen vinden om non-fictie over schapen te lezen, dan kan je je minstens zo hard afvragen hoe je het in godsnaam leuk zou kunnen vinden om een boek te lezen over twee mannen die in ijskoude Noorse wateren in een bootje wachten tot een loodzware Groenlandse haai met wormen in zijn ogen uit liefde voor stank gaat bijten in de verrotte kaak van een Schotse Hooglander die 300 meter onder water aan hun vislijn bengelt. Edoch. Het boek is magnifique. Nog maar zelden heb ik zo meeslepend het leven in zee weten beschrijven. Stroksnes wisselt moeiteloos af tussen wetenschap en mythologie en beschrijft het onderwaterleven in de Lofoten met een vaart, charme en humoristische woordenschat zoals ik nog niemand heb weten doen (lees: de eigenwijzetuinstijl, maar dan onder water). Dat er ondertussen een avontuur van twee vrienden in een boot bij zit, helpt natuurlijk, maar je hebt al snel door dat dat allerminst de essentie is. Na nog maar een paar bladzijden zit de zilte geur van visdrogerijen en het vet van traanstokerijen in je neus, en wil je maar √©√©n ding: nog meer horen over die makrelen, over plankton ‘met de vorm van een wijnglas bekleed met luipaardenvel’, over de wereld van kustbewoners en hoe die verandert. En, natuurlijk, ook: over die Groenlandse haai. De open geest van Stroksnes, zijn enorme leesbagage, en zijn vriendschap met een visser-kunstenaar maken dat je de zee voor eeuwig anders bekijkt (en nog wat extra op je ecologische voetafdruk gaat letten).

3. Peter WOHLLEBEN, Het verborgen leven van bomen (Oorspr: Das Geheime Leben der Bäume)

Wohlleben was zelf ooit houtvester, zoals dat heet. Opgegroeid in een traditie ook die gelooft dat je een bos in zekere mate moet sturen. Ondergroei best kappen, bijvoorbeeld, zodat ze de energie van andere bomen niet afnemen. Soms eens vernieuwen ook. Vanzelfsprekend is de opleiding tot boswachter ge√ęvolueerd en heeft het respecteren van spontaan leven en verrotting ook z’n plaats gekregen in het geheel. Alleen gaat Wohlleben daar nog veel dieper op in, brengt hij al die kennis samen, en slaagt hij erin om toch wetenschappelijk te blijven als hij bomen gevoelens, reuk of hulpvermogen toekent.

Als je al van de verbazing bekomen bent dat je schapen en haaien interessante boeken-onderwerpen vindt, die lezen als een trein, dan zal je je na deze flink verbazen dat je bomen ooit als statisch hout hebt bekeken en er zo roekeloos over nadacht. De vergelijking met schapen en de visvangst is trouwens zo gek nog niet, want Wohlleben toont duidelijk hoeveel eigenschappen bomen gemeen hebben met levende wezens. Hun wortels hebben hersen-achtige structuren waarmee planten elkaar onder de grond kunnen (en zullen) helpen, onze manier van omgaan met bomen is vaak niet minder ingrijpend dan de industrialisering van visvangst, en een bos is als een kudde, waarvan het kuddeleven voornamelijk onder de grond plaats heeft. Dat dit alles dan ook nog eens minstens zo meeslepend is geschreven als de vorige twee, maakt dat ook deze unieke non-fictie is, en  -weeral- vol sympathiek eco-rumoer.

Eén van deze boeken gelezen? Kom mij dan zeker maar vertellen wat je ervan vond!

Read Full Post »