Feeds:
Berichten
Reacties

Posts Tagged ‘siergrassen’

Het prairiebordertje…

Ik ben er nog altijd zot van. Nochtans had ik daar nog nooit van gehoord toen ik het begon aan te leggen. We wilden gewoon wat kleur aan de horizon van onze tuin. Liefst geen statige border, maar eerder iets dat zou wuiven in de wind en meedeinen met het landschap. En hoog, want achter die planten zouden de bessenstruiken komen, en dat zou een soort van verdwaal-doolhof-tuintje voor de kinderen moeten worden. En zo kwam ik uit bij grassen. Die ik, omwille van de kleur, aanvulde met enkele bloemen. En dat bleek dus prairietuin te heten, zo leerde ik kort daarna. En van contentement om die ontdekking, gooide ik me onmiddellijk mee in de discussies hieromtrent.

Maar helaas: ik had me redelijk misrekend, want met de planten die ik had gekocht, kreeg ik nauwelijks 1/3de van de beoogde oppervlakte beplant. En bovendien was er een heel stuk dat voornamelijk in de schaduw ligt. Dat hoort normaal niet, bij een prairietuin, maar aangezien ik geen prairietuin beoog, maar gewoon een schoon stukje bloemen, is dat allemaal geen probleem. Alleen bleek ik allerminst thuis in schaduwplanten. En ik wou opnieuw dat frele van wuivend gras creëren, maar dan zonder grassen, want die groeien niet goed in de schaduw. Na even nadenken kwam ik uit op een basis van varens en epimedium of elfenkruid. Vooral dit laatste is een ragfijn, prachtig plantje dat, indien het wil aanpakken, voor een mooie, frele, lage groei en bloei zou moeten zorgen. En, bovendien: het is een uitdaging om mij weer eens aan de fotografie te wijden en er volgend jaar enkele mooie fotootjes van te (proberen) maken.

Verder kwam er nog wat digitalis bij (die deels hier, en deels bij de haag zal worden geplant) en nog wat zonminnende planten die meer in de lijn van een prairietuin liggen. En zo had ik weer een lijstje voor onze vrienden bij De Bock:

Schaduw:
Digitalis Purpurea Apricot 3
Digitalis Foxy 3
Digitalis Snow Thumble 3
Helleborus Roby Glow 2
Helleborus Pink Beauty 1
Helleborus Winter Moànbeam 2
Helleborus Foetidus 1
Helleborus Niger 2
Epimedium Pink elf 1
Epimedium Grandiflorum Lilafee1
Epimedium Pnnatum 2
Epemidium rubrum 1
Epimedium Warleyense 2
Milium Effusum Aureum 4
Athyricum niponicum Red Beauty 4
Drypteris filix-mas 2
Osmunda regalis 3
Zon:
Echinacea Fatal Attraction 1
Echinacea Coconut Lime 2
Echinacea Prairie Splendor 2
Agapanthus White 3
Rudbeckia Goldquelle 3
Eupatorium Masculatum Riesenschirm 1
Koeleria Glauca 2
Panicum Heavy Metal 2
Panicum Squaw 2
Pennisetum alopecuroides weserbergland 2
Alles is op tijd geplant geraakt, dus nu is het hoopvol wachten op volgende zomer! Alleen nog eventjes 6 maanden winter doorstaan eerst…

Read Full Post »

KNAL

en de meisjes ontbloten hun kuiten.

De bouwvakkers hebben na een nare tijd

weer iets om naar te fluiten.


Even vrij naar Jan De Wilde. Omdat onze ‘zen’ (gew.; afg. ‘zon’) helemaal terug is! Woeha!  Ja, onze tomaten hangen opengebarsten aan de struiken. En ja, die struiken zijn bijna allemaal van hun sokkel gewaaid. Maar hela, we hebben in nog geen week tijd wel al twee keer een dergelijke portie tomaten kunnen eten:

Er zijn plots ook rijpe braambessen, de suikermaïs kolft alsnog en de herfstframboos laat kleine vruchten zien.

Wat ons in de avondzon nog het meeste pleziert: het grassenbordertje dat in het voorjaar nog zo zielig was, komt nu tot volle wasdom.

Vooral de verbena doet het zeer goed, maar daar hebben we niets op tegen natuurlijk. Dat prairietuinen arbeidsarm zouden zijn, blijkt niet helemaal waar. Ook tussen siergrassen groeien netels en distels (maar gelukkig ook heel wat brede wespenorchis die ten huize onderdeappelboom echt wel (on-)kruid is). Dus ook al is het grassenboordje smal, we zijn er heel tevreden mee.

Read Full Post »

Een tijdje terug had ik het over ecologische siergrassen. Naast schaduwtuinen en kruidentuintjes zijn ze namelijk een mooie aanvulling op de klassieke siertuin: dat parelende gezwiep in de wind, die herfstkleuren, de structuur die ze aan de tuin geven, enz.  Maar zou het mogelijk zijn om siergrassen te vinden die ecologisch en inheems zijn? En kom je met siergrassen niet automatisch in de deugdelijke perkjes van de betere villa terecht, of zou het ook integreerbaar in het landschap kunnen zijn?

Ik zocht en vond… niet zo veel. Inheemse grassen zijn veelal kleinere grassen, passend in weides en graskanten, maar niet zozeer bruikbaar als sierstruik. Andere inheemse grassen hadden dan weer een te grote veroveringsdrang, of pasten qua grondtype niet op de plaats waar ik ze wou zetten. Een hele dobber dus waar ik niet 1-2-3 aan uit was.

Om de leegte aan inheemse siergrassen op te vullen, besloten we al snel om grassen met gras-achtige bloemen te combineren. Gaura bijvoorbeeld, dat de indruk van bloeiend gras wekt. Of eupatorium, dat in zijn grootsheid best wel hetzelfde structureel effect als dat lelijke pampasgras zou kunnen teweegbrengen.

Halverwege mijn denkproces viel het tijdschrift van VELT in de bus, met daarin een bericht over prairietuinen. Ik was er bijzonder opgetogen over, want die prairietuin leek precies te doen wat ik ook voor ogen had: bloemen en grassen combineren. En waar ik ook blij mee was: dat VELT het strikt inheemse pad durfde te verlaten ten voordele van een weliswaar deels uitheemse, maar toch mogelijks waardevolle aanvulling voor de siertuin.

Toch moet gezegd dat zelfs ik, pseudo-ecotuinier, een beetje vragen had bij die prairietuin. Ze staat immers wel heel vol met voornamelijk Noord-Amerikaanse planten. En om de grond schraal en de prairietuin onderhoudsarm te houden, werd gesuggereerd de plaatsen tussen de planten op te vullen met kiezeltjes, lavasteentjes, enz. Toch allemaal niet zo eco-vriendelijk, dacht ik, en ik voorspelde in gedachten al een kwade lezersbrief.

Jawel, in het daaropvolgende boekje van Seizoenen moest de VELT-redactie er al aan geloven. Dat dat toch niet kon, zo’n uitheemse bloemen promoten. (Terwijl VELT er wel mooi de voor en tegens had bijgezet, zich bewust van de ongewoonheid van hun suggestie). En dat bovenal de suggestie om de planten eens af te branden om de schraalte van de grond te behouden, alle boekjes te buiten ging. Een vuurtje stoken is immers ongezond.

Nu, over de zin (soms) en onzin (meestal) van het vuurtje-stook-verbod heb ik me elders al eens uitgelaten. En dat ik niets tegen een uitheems bloemetje heb, heb ik ook al meerdere keren gezegd. Maar dat ik VELT wil verdedigen, dat is nieuw. Bij deze dus:  die prairietuinen zijn zeker verdedigbaar.

Nochtans heeft ook Natuurpunt zich er al tegen gekeerd. In een rapportje van vorige zomer waarschuwen ze voor het invasieve karakter van de veelal uitheemse grassen van de prairietuin. Want: ‘het risico op uitbreiding buiten het perceel is te groot’.  Maar wat is er buiten zo’n perceel? In de meeste gevallen toch gewoon gazon, dat afgemaaid wordt. Of steentjes van een terras of paadje. Natuurlijk kan de wind de zaden ook wel verder doorvoeren, maar ik ben tot nu toe niet op de hoogte van een probleem met zich spontaan overal uitzaaiend noord-amerikaans gras?

Natuurpunt heeft ook een probleem met de relatie tussen prairietuinen en biodiversiteit. Een prairietuin is NIET de ideale vlinderplaats, stellen ze, en ze staven dit onmiddellijk door 2 vlinders op te noemen die een specifieke plant nodig hebben voor hun voortbestaan die NIET in de prairietuin staan. Ach ja, dan zet je die specifieke planten toch elders? En waar zit de logica van de redenering? Een eekhoorn kan ook niet overleven in een bloemenweide zonder bomen. Is die bloemenweide daarom slecht voor de biodiversiteit?

En laten we ons ook eens afvragen waar die grassen meestal geplant worden? Niet op de plaats van de siertuin of moestuin. Voor veel mensen is het een oplossing voor een proper voortuintje. Ze zetten siergrassen, hortensia en pachysandra vooraan, en hun tuintje is klaar. Hun alternatief is een oprit in klinkers, want het moet proper zijn en onderhoudsarm. Dan is zo’n noord-amerikaans gras toch nog waardevoller dan klinkers? En de mensen die echte grote vlaktes aanleggen tot prairietuin, daarvan mogen we misschien wel veronderstellen dat het mensen zijn met veel grond, die wellicht ook andere types siertuin op hun domein hebben. En is een hectare prairietuin zoveel slechter dan een weide?

Waarmee ik maar wil zeggen: al die rapportjes en kritiek zijn serieus vermoeiend. Als je het aan mij vraagt, zouden ze in de eerste plaats moeten beginnen met de mensen te motiveren meer bloemetjes en grasjes te planten, door zaden en plantjes uit te delen. Dat kan niet duurder zijn dan de bus gratis maken. En pas als mensen plezier beginnen hebben in tuinieren, kan je het over ecologie beginnen hebben. Maar ontneem ze dat plezier toch niet altijd direct.

Over plezier gesproken: ik heb dus een grassenbordertje aangelegd rond het bessenlabyrinth. ’t Ziet er momenteel nog een beetje zielig uit.

Op dit moment staan er 35 plantjes in, maar mijn oorspronkelijk voorzien stuk was misberekend, waardoor ik halverwege nog een hoop gras mocht wegspitten, daar toch wel behoorlijk op gevloekt heb, en uiteindelijk dus ook plantjes te weinig heb voor het hele stuk. Maar kom, ik denk dat het wel in orde komt (je gelooft me niet, maar tegen deze zomer zal ik het met nieuwe foto’s bewijzen). En wat staat er nu precies in:

In de rubriek grassen hebben we:

– smele (inheems)

– struisriet (inheems)

– geitenbaard (inheems)

– vedergras (Alpen,middellandse zee)

– miscanthus/prachtriet (zo uitheems als de pest, maar schijnt niet te woekeren)

– vingergras (inheems/Europees)

– pijpenstrootje (inheems – staat midden in ons drainageprobleem, dus met natte voeten, waar het van houdt)

In de rubriek bloemen tussen de grassen:

– eupatorium (inheems)

– gaura (uitheems, houdt van warmte en zon)

– echinacea (inheems)

– crocosmia/montbretia (knolgewas; in wezen uitheems, maar dan even uitheems als tulpen)

– thalictrum (Zuid-west-europa)

– verbena (inheems)

– artemisia (kruidachtige met inheemse varianten)

Zal het lukken of niet? Geen idee. Maar het is wel een redelijk inheems strookje geworden, met een variatie aan kleur en bloeitijd, en hopelijk zal het ook het wuivende effect teweegbrengen dat we voor ogen hebben. Zoals ik al zei: deze halve cirkel grassen is rond ons bessenstuk beland. Vanuit het huis zien we de bessen nu nog nauwelijks staan. Alleen de puntjes van de pas geplante grasjes piepen boven de helling uit. (op de foto hieronder zichtbaar toen de plantjes nog niet in de grond zaten, maar wel al op de juiste plaats stonden).

Read Full Post »

Enige tijd terug plaatste ik een lijstje online, en het wordt stilaan tijd om dat in praktijk te gaan brengen.  Planten op blote wortel plant je namelijk best vóór 15 april, en met het vooruitzicht van een komend regenweekend, en een daaropvolgend even druk bezet paasweekend, heb ik donderdag dan maar een dag verlof gepland om mijn hele resem planten de grond in te kunnen steken. (Zoals anderen ook al schreven: ’t is niet eenvoudig om werkleven en hobbies te combineren) Daarmee gaan dit jaar al 3 dagen verlof op aan tuinwerk, waarvan één goedgekozen in stralend lenteweer, maar ook de andere toch ruimschoots bevrediging brengend want een verlofdag met de handen in de aarde is natuurlijk nooit een echt verloren verlofdag.

Wat staat op mijn programma:

– het uitspitten van 4 bessenstruiken en 6 haagplanten uit de gemengde haag

– het elders herplanten van die 4 bessenstruiken en het aanplanten van 16 andere bessenstruiken

– het elders herplanten van die 6 haagplanten en het aanplanten van 5 andere heesters

– het aanplanten van een bordertje met 7 sierbloemen

– het aanplanten van een grassenstrook met 35 stuks grassen en aanverwante bloemen

– het planten van 50 haagplantjes

Dat alles zou ik willen gedaan hebben tussen 9u ’s morgens en 16u ’s avonds, inclusief naar het tuincentrum rijden, inladen, betalen en terugrijden, inclusief mezelf ’s avonds terug enigszins presentabel maken om de kindjes te gaan ophalen op school en liefst ook inclusief een middagmaal en ergens nog een hap tussendoor . Haalbaar? Dat denk ik wel hé? Het klinkt meer dan het is, volgens mij. En eigenlijk hoop ik zelfs tijd over te hebben om de groentetuin helemaal af te werken. En om de zomerbollen te planten.  Maar da’s misschien te hoog gegrepen.

Hoe dan ook, de plannen liggen klaar, en de goede verstaander ziet al een beetje waar we naar toe gaan:

Read Full Post »

We hadden de bedoeling om deze winter al een stal te zetten, maar zo langzamerhand beginnen we in te zien dat dat er deze winter wellicht nog niet van zal komen. In plaats daarvan hebben we dan maar de toekomstige stal op het grondplan van onze tuin getekend, en proberen we gaandeweg de stukken rónd die stal tot een volwaardige tuin in te kleden. Zoals gezegd, ’t is nog magertjes gesteld met onze ecologische rijkdom op dit ogenblik, en in onze toekomstplannen proberen we daarom zoveel mogelijk verschillende habitatjes te voorzien waar telkens weer andere dieren van kunnen genieten. Ons idee was om daarom ook eens een perk met siergrassen aan te planten. Dat moet toch aan heel wat insectenbehoeften tegemoet komen èn het is met al dat gewuif van pluimen ook nog mooi om te zien. We hadden bovendien een leuk plekje in gedachten, ergens in het midden van de tuin, en diep gelegen, waardoor je vanuit het huis nog net het wuiven van de pluimen in het zonlicht zou moeten zien; leuk toch?

Edoch en helaas: als ik siergras zeg, dan durf ik er goud om te verwedden dat je onbewust een beeld in je geest hebt opgeroepen van een groen polvormig gras met hoge, dikke witte pluimen. Je hebt dat ooit gezien in een voortuin van een modern huis met laag dak, centraal tegen een brede voordeur (mat glas?), met ervoor een ander gras dat wat lager is en bruingrijze pluimpjes heeft, en dat alles tegen de achtergrond van de hortensia Annabel. Niet?

Dat bekende gras is pampasgras. En zijn onmiddellijke vriendje heet prachtriet. Beide soorten zijn groot, bijzonder geliefd in de ietwat grotere tuinen èn zo uitheems als de pest. Net als bamboe komen de meeste soorten namelijk uit het Oosten, hoewel ook uit Zuid-Amerika (pampasgras) of Afrika (lampepoetsersgras). Bij de zoektocht naar ecologisch verantwoorde grassen kom je al snel bij, nu ja, weidegras, zeg maar. Het type wild gazon, onafgereden boordjes, stugge duinbegroeiing, kortom: mens die zijn tuin niet onderhoudt :-). En zie je jezelf al gestreepte witbol aanplanten omdat het inheems is? Ik niet.

Uiteindelijk heb ik toch een lijstje samengesteld van wat volgens mij leuke grassen voor een ecologische siertuin kunnen zijn. Ze hebben niet allemaal dezelfde variaties in hoogte als de uitheemse grassen (wat de populariteit van die soorten natuurlijk verklaart), ze behoren misschien niet allemaal tot de grassenfamilie (maar who cares?), en evenmin hebben ze allemaal dezelfde mooi herfsttooi, maar dat moet dan maar gecompenseerd worden met andere plantensoorten. Mijn lijstje met suggesties:

– Smele (bochtige of ruwe smele), waardplaats voor microvlinders

– Glanshaver (Frans raaigras), iets minder mijn favoriet

– Zegge: bestaat in zeer veel soorten, en zeer geschikt voor natte grond.

– Pijpenstrootje: een kleintje, maar een goede waardplaats voor rupsen, rietvink, bont dikkopje en nog heel wat moois

– Pitrus, bij ons als ‘biezen’ gekend

– grote of gewone veldbies, heel sierlijk, en op de rode lijst!

– bosstruisriet (eindelijk eens een hoog gras)

– knikkend parelgras

– rietgras

Om het allemaal wat meer diepte en vorm te geven, zou ik het willen combineren met Eupatorium, grote graslelie, peen en verbena. Het geheel zou er dan toch een beetje als een siergrassenperk moeten uitzien, en niet zozeer als een stuk dat we dringend eens moeten afrijden 🙂

 

Nog meer onprofessionele informatie over de ecologische siertuin:

Deel 1: Diep nadenken

Deel 2: De binnentuin

Deel 3: Borders

Deel 4:  De schaduwtuin

Read Full Post »